PensionAssetIQ Research

Research Library 2026–2027

Institutioneel onderzoek voor Nederlandse pensioenfondsen

PensionAssetIQ publiceert onafhankelijk onderzoek naar hoe Nederlandse pensioenfondsen beleggen, risico’s beheersen en hun beleggingsorganisatie inrichten. De Research Library 2026–2027 omvat onderzoek naar strategie, portefeuille-inrichting, implementatie, markten en afzonderlijke beleggingscategorieën.

17 publicaties · peildatum 10 oktober 2026

1 · 4 publicaties

Strategie & portefeuille

Publicatie 7 oktober 2026

Investment Beliefs Nederlandse pensioenfondsen 2026

Kernvraag. Welke beleggingsovertuigingen fondsen publiceren, hoe vaak, en of hun eigen gerealiseerde cijfers die ondersteunen, neutraal laten of tegenspreken.

Bekijk highlights
  • Duurzaamheid is het meest gedeelde thema (47 van 50 fondsen), gevolgd door diversificatie, kosten en lange termijn.
  • Lange-termijnclaims krijgen de duidelijkste steun: 22 van 24 claims met een oordeel zijn ondersteund; bij diversificatie 24 van 33.
  • Duurzaamheid en kosten geven een veel gemengder beeld; 89 van de 120 oordelen rusten op indicatief bewijs.
Publicatie 6 oktober 2026

Risicopositionering Nederlandse pensioenfondsen 2027

Kernvraag. Waarom fondsen met een vergelijkbare asset mix een fundamenteel andere risicopositie kunnen hebben, gemeten langs zeven economische dimensies.

Bekijk highlights
  • Renteafdekking is het grootste sectorbreed meetbare positioneringsverschil: mediaan 77,8% (n=48), uitersten 40,6% en 138,1%.
  • De mediane USD-afdekking is 70,8%, exposuregewogen slechts 47,8%: de grootste posities bepalen het sectorbeeld.
  • Fondsparen met minimaal 92% allocatie-overlap verschillen tot 61,5 pp in renteafdekking en tot 32,0 pp in USD-afdekking.
Publicatie 7 oktober 2026

Rendementsportefeuilles onder de Wtp 2027

Kernvraag. Hoe ver de Wtp-transitie is en hoe fondsen overrendement, bescherming en lifecycles inrichten.

Bekijk highlights
  • Ingevaren zijn 22 fondsen; 19 fondsen met circa 893 mrd euro staan volgens de huidige planning voor overgang in 2027.
  • In 26 SPR-ontwerpen daalt de mediane toedeling aan overrendement van 112,5% op 25 jaar naar 42,9% op 67 jaar.
  • Een rendementsportefeuille publiceren 10 fondsen, een beschermingsportefeuille 8; hypotheken zitten bij 6 fondsen in de bescherming, bij 3 in het rendementsdeel.

2 · 3 publicaties

Implementatie & risico

Publicatie 5 oktober 2026

Valuta-afdekking Nederlandse pensioenfondsen 2026

Kernvraag. Welk deel van hun valuta-exposure fondsen feitelijk afdekken, hoe dat per fonds en gewogen veranderde en wat afdekken bruto bijdroeg.

Bekijk highlights
  • De exposuregewogen USD-afdekking daalde van 62,6% naar 47,7%, bij het mediane fonds van 73,4% naar 71,1% (n=34).
  • ABP en PFZW dragen −15,1 pp bij aan een gewogen daling van −15,0 pp; zonder hen blijft de ratio vrijwel vlak.
  • Beleidsnorm en gerealiseerde hedge zijn vaak niet vergelijkbaar: van 1.053 normregels hebben er 54 dezelfde noemer als de realisatie.
Publicatie 7 oktober 2026

Benchmarkkeuzes Nederlandse pensioenfondsen 2027

Kernvraag. Welke benchmarks fondsen per beleggingscategorie kiezen, hoe geconcentreerd en hoe vaak ESG of maatwerk, en welke alpha en kosten zij rapporteren.

Bekijk highlights
  • J.P. Morgan domineert de EMD-benchmarks (93,8%); MSCI domineert aandelen ontwikkelde markten (75%).
  • ESG-, klimaat- en maatwerkkenmerken zitten in veel benchmarknamen; bij aandelen ontwikkelde markten heeft 50% een ESG- of klimaatkenmerk.
  • Gerapporteerde alpha ligt mediaan dicht bij nul; categoriekosten verschillen sterk: private equity 240 bp, infrastructuur 81 bp, privaat vastgoed 48 bp.
Publicatie 10 oktober 2026

Beleggingsorganisatie Nederlandse pensioenfondsen 2027

Kernvraag. Hoe fondsen hun beleggingsorganisatie inrichten: bestuur, fiduciair beheer, interne capaciteit en de keten van aanbieders, en waar de meetbare verschillen zitten.

Bekijk highlights
  • Concentratie in externe fiduciaire relaties ontstond vooral doordat fondsen bij dezelfde aanbieders uitkwamen; richting 2027 stijgt het top-3-aandeel door exits en overdrachten tot 72,2%.
  • Gesplitste ketens rapporteren fiduciaire kosten veel vaker afzonderlijk: 22 van de 30 tegen 5 van de 20; bij 73,5% van het vermogen zijn ze niet zichtbaar.
  • Fondstype hangt samen met de rentehedge en schaal met interne capaciteit; het bestuursmodel hangt niet aantoonbaar samen met private markets.

3 · 1 publicatie

Markten

Publicatie 6 oktober 2026

Vooruitblik financiële markten 2026–2031

Kernvraag. Welk basisscenario en welke alternatieve scenario's PensionAssetIQ voor 2026–2031 hanteert, en waar die aannames afwijken van de mediane Capital Market Assumptions van 14 huizen.

Bekijk highlights
  • Basisscenario: gematigde groei, inflatie richting 2 à 2,5% maar volatieler dan vóór 2020, een geleidelijk lagere beleidsrente en geen terugkeer naar extreem lage rente.
  • Het grootste neerwaartse risico is verlies van geloofwaardigheid rond financieringskosten en termijnpremie: duration, krediet, vastgoed en private equity met leverage worden dan tegelijk geraakt.
  • De CMA's van 14 huizen lopen het verst uiteen bij aandelen opkomende markten (P25 en P75 liggen 3,32 pp uiteen); verschillen moeten worden teruggebracht tot aannames, niet alleen tot rendementscijfers.

4 · 9 publicaties

Asset Class Research

Publicatie 6 oktober 2026

Private Equity 2026

Kernvraag. Hoe pensioenfondsen private equity inzetten, wat het opleverde en kostte, en wat managers verwachten.

Bekijk highlights
  • Allocatie +2,4 pp gewogen tegen +0,4 pp mediaan (2020–2025); ABP en PFZW leveren 64% van de stijging.
  • Grote fondsen beleggen 3,0 keer zoveel in private equity als kleine; slechts 22 van 49 fondsen rapporteren een eigen regel.
  • De keten 2015–2025 eindigt 0,45 pp per jaar boven MSCI World Net EUR (getaxeerd, geen alpha); mediane kosten 234 bp (2025, n=13).
Publicatie 6 oktober 2026

Vastgoed 2026

Kernvraag. Hoe groot het vastgoedblok is, hoe het verandert en wat het opleverde en kostte.

Bekijk highlights
  • Vastgoed is 9,9% van het vermogen; +1,2 pp gewogen en +0,8 pp mediaan (2020–2025).
  • Opbouw bij 24 fondsen, afbouw bij 5; grote en kleine fondsen beleggen vergelijkbaar (10,1% tegen 9,1%).
  • Mediaan rendement 2025 2,1%, kosten 73 bp; de keten 2015–2025 blijft 5,99 pp per jaar achter bij MSCI World Net EUR (geen alpha).
Publicatie 6 oktober 2026

Privaat vastgoed 2026

Kernvraag. Wat jaarverslagen over niet-beursgenoteerd vastgoed laten zien: rendement, kosten, verwachtingen en een indicatieve allocatie.

Bekijk highlights
  • Gewogen allocatie 2025 circa 2,2%, maar indicatief: een fonds zonder gedrukte regel telt als nul.
  • De meeste fondsen veranderden nauwelijks: 30 van 40 vrijwel gelijk, 10 omhoog en geen omlaag (indicatief).
  • Mediaan rendement 2025 2,8%; de vergelijking met aandelen wordt beïnvloed door taxatiewaardering.
Publicatie 6 oktober 2026

Infrastructuur 2026

Kernvraag. Hoe Nederlandse pensioenfondsen infrastructuur inzetten, hoe de allocatie over fondsen is verdeeld en welke rendementen en kosten worden gerapporteerd.

Bekijk highlights
  • Gewogen +2,0 pp tegen 0,0 pp mediaan (2020–2025); geen enkel fonds bouwde af.
  • ABP en PFZW verklaren 91% van de stijging; grote fondsen beleggen 3,8 keer zoveel als kleine.
  • Mediaan rendement 2025 2,0%, de laagste in de reeks; mediane kosten 93,5 bp (n=8).
Publicatie 6 oktober 2026

Grondstoffen 2026

Kernvraag. Welke pensioenfondsen nog in grondstoffen beleggen, hoe de allocatie veranderde en welke rendementsverwachtingen beschikbaar zijn.

Bekijk highlights
  • Gewogen −0,5 pp tegen 0,0 pp mediaan (2020–2025); de daling zit bij de grootste fondsen.
  • Het sectorcijfer van 1,8% steunt op één gedrukte regel; 33 fondsen rapporteren nul.
  • Verwachting 4,02% bij 17,0% volatiliteit, de laagste Sharpe (0,09); met beide maatstaven onder de kapitaalkosten.
Publicatie 6 oktober 2026

Obligaties opkomende markten 2026

Kernvraag. Hoe pensioenfondsen in obligaties uit opkomende markten beleggen, wat dat opleverde en wat het kost.

Bekijk highlights
  • Gewogen −0,5 pp tegen +0,6 pp mediaan (2020–2025), op een cohort van 11 fondsen.
  • ABP en PFZW verlagen meer dan de hele sector; 6 fondsen bouwen op, 3 af.
  • Mediaan rendement 2025 4,5%; mediane kosten 11,5 bp op slechts 4 waarnemingen.
Publicatie 6 oktober 2026

Vastrentende waarden 2026

Kernvraag. Hoe de vastrentende allocatie veranderde en wat zij opleverde en kostte.

Bekijk highlights
  • Vastrentend is 47,9% van het vermogen; +0,3 pp gewogen tegen +1,4 pp mediaan (2020–2025).
  • Fondsen bewegen beide kanten op: 20 omhoog, 16 omlaag; kleine fondsen houden meer vastrentend dan grote (54,8% tegen 46,4%).
  • Mediaan rendement 2025 −0,2%; mediane categoriekosten 17 bp.
Publicatie 6 oktober 2026

Aandelen 2026

Kernvraag. Wat het aandelenblok opleverde tegenover de wereldindex, hoe het veranderde en wat het kost.

Bekijk highlights
  • Gewogen en mediaan −3,8 pp (2020–2025); 29 fondsen omlaag, 5 omhoog (n=38).
  • Grote en kleine fondsen hebben vergelijkbare aandelengewichten: 27,8% tegen 28,4%.
  • Mediaan rendement 2025 8,4%; kosten 15,5 bp; managerverwachting mediaan 6,79% (aanname, geen meting).
Publicatie 6 oktober 2026

High Yield-obligaties 2026

Kernvraag. Hoe pensioenfondsen high yield inzetten, hoe dat veranderde en wat managers verwachten.

Bekijk highlights
  • In het vergelijkbare cohort +0,8 pp; 5 fondsen omhoog en geen omlaag, maar n=7.
  • Slechts 12 van 49 fondsen rapporteren high yield als afzonderlijke regel.
  • Managerverwachting mediaan 5,06%; correlatie met aandelen 0,65 volgens een modelaanname van PensionAssetIQ.

Het volledige onderzoek bespreken?

De volledige rapporten worden niet publiek verspreid. Vraag een demo aan, of log in als u al toegang heeft.

Demo aanvragen → Inloggen →